Speech waarnemend burgemeester Amsterdam Jozias van Aartsen, State of the Region 2018

Dames en heren,

Vandaag ben ik exact 198 dagen waarnemend burgemeester van Amsterdam. Aan de ene kant tegen wil en dank, want u kent allemaal de aanleiding. Aan de andere kant is het een ongelofelijke eer en een prachtige ervaring ter afsluiting van mijn bestuurlijke carrière.

Deze rol stelt mij vandaag echter voor een dilemma. Ik word geacht de staat van de regio te recenseren. Een regio die ik weliswaar ken, maar niet door en door. Dat kan niet in 198 dagen. En dat ligt ook niet in mijn opdracht als waarnemend burgemeester.

Dus meteen maar even een disclaimer. Verwacht van mij niet dé ultieme analyse van de staat van de Metropoolregio Amsterdam. Ik ben eigenlijk een insider met een externe blik. Daarom bied ik u de waarnemingen van een waarnemer.

En wat neem ik waar?

Ik zie een regio waar het prettig wonen, werken en recreëren is.
Een regio die een magnetische werking heeft op internationale bedrijven en bezoekers.
Een regio met een enorme diversiteit. In alle opzichten.

Je kunt je op Schiphol vergapen aan de bonte stoet aan mensen uit alle werelddelen en je kunt je tijdens een rustiek fietstochtje door de Beemster verwonderen over de 17e eeuwse kunde om land te maken van water. Je kunt je verbazen over het gebrek aan kleur in de kleding van de werknemers op de Zuidas en de veelkleurigheid op de bloemenveiling in Aalsmeer en bij het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid.

De Metropoolregio Amsterdam is krachtig, wendbaar en weerbaar en behoort tot de vijf sterkste economische regio’s van Europa. Maar er is meer ambitie. De ambitie om in 2025 tot de top drie van meest concurrerende Europese regio’s te horen.

Een realistische ambitie denk ik. Helemaal als er op een slimme manier om wordt gegaan met de mix aan kwaliteiten en eigenschappen die deze regio bezit. Dat zijn er nogal wat, maar drie springen er wat mij betreft uit.

Om te beginnen is dat branie. Ik denk dat ik dit niet eens hoef uit te leggen. De branie lijkt hier wel in het drinkwater te zitten – en absoluut niet alleen in de stad Amsterdam! De eigengereidheid, creativiteit en handelsgeest houdt niet op bij de ring. Gelukkig maar, want het is een grote drijvende kracht achter successen in het verleden én die in de toekomst.

Naast branie, zie je in deze regio ook innovatievermogen. Ging het vroeger om technieken om in te polderen of het uitgeven van aandelen, tegenwoordig gaat het vaak om slimme ict-toepassingen, apps, artificial intelligence en wat dies meer zij. Gemene deler door de eeuwen heen is in ieder geval de continue stroom aan nieuwe ideeën en producten.

Branie en innovatievermogen liggen aan de basis van welvaart en welzijn in deze regio, maar zonder goede samenwerking sterven veel briljante ideeën in schoonheid. Het realiseren van vooruitgang is alleen mogelijk als we coalities smeden. Ook – of misschien wel juist – met mensen in een ander werkveld.

Een mooi voorbeeld van samenwerking vind ik de succesvolle lobby voor de komst van het Europese medicijnagentschap naar Amsterdam. Een bont gezelschap van mensen en partijen vanuit de stad, de Metropoolregio en het Rijk heeft zich met dit proces bezig gehouden. Ze deelden de visie dat de komst van dit agentschap niet alleen een impuls zou zijn voor de stad en de regio, maar voor heel Nederland.
En daar zit natuurlijk de crux van samenwerken: zoek de grenzen op, kijk verder dan je eigen belang, en kom in actie. Samenwerken is meer dan een state of mind. Het is een state of action.

Drie eigenschappen: branie, innovatievermogen en samenwerken. Met de branie en het innovatievermogen zit het wel goed. Ik denk dat er qua samenwerken nog wel een tandje bij kan. Door betere samenwerking, leveren de branie en het innovatievermogen meer op. En zo kan het verschil gemaakt worden bij belangrijke dossiers. Want eerlijk is eerlijk: er is hier en daar nog wel wat meer state of action nodig.

Onder meer op het gebied van de transitie naar een circulaire economie en een duurzame energievoorziening. We moeten zuiniger zijn met onze grondstoffen en op zoek naar nieuwe verdienmodellen. En wel nu, want anders halen we de doelstelling van een 100% circulaire economie in 2050 niet. Heel goed dus dat zoveel partijen zich vanmiddag hebben gecommitteerd om 50% van hun inkopen circulair te doen in 2025.

En goed ook dat er steeds meer warmtenetten komen. Warmtenetten zijn een uitstekend alternatief voor aardgas, dus ze hebben absoluut de toekomst. In Purmerend is al driekwart van de woningen aangesloten op een warmtenet. Hopelijk volgen veel andere steden en dorpen snel. De afhankelijkheid van aardgas is nog groot. Bij oude én nieuwe woningen. Daarom is er snel een concreet actieplan nodig voor het direct energieneutraal en circulair maken van de 250.000 woningen die we tot 2030 in de regio gaan bouwen. Die 250.000 woningen zijn broodnodig om méér mensen méér kansen te bieden in de regio. En dat is ook nodig op de arbeidsmarkt, want ook daar profiteert niet iedereen van de economische meewind.

Nog altijd staan er teveel mensen aan de kant. Nieuwe functies ontstaan en oude beroepen verdwijnen. Juist de huidige hoogconjunctuur maakt duidelijk dat er nog altijd een stevige mismatch is tussen de vraag en het aanbod van werkenden. In de zorg, bouw- en installatiebranche schreeuwen ze om mensen met digitale en technische vaardigheden. Tegelijkertijd zitten vele tienduizenden talentvolle mensen thuis op de bank. Talenten die we erbij moeten betrekken.

Ik verwacht veel van het initiatief House of Skills bij de aanpak van deze mismatch. Hun uitgangspunt is weliswaar vernieuwend en creatief, maar toch vooral heel eenvoudig: kijk niet naar het diploma van mensen of de sector waarin ze jarenlang hebben gewerkt, maar focus op de skills die ze hebben en de skills die ze kunnen ontwikkelen. Skills waarmee ze weer aan de slag kunnen in de nieuwe economie. Een voormalig baliemedewerker van een bank heeft bijvoorbeeld precies de juiste skills om als hostess in een ziekenhuis aan de slag te gaan.

Méér mensen erbij betrekken. Een inclusieve metropoolregio. Dat is het doel. Wat hiervoor nodig is, is méér mensen bij de stad én het succes van de stad betrekken.

Voor alle duidelijkheid: als ik spreek over de belangen van de stad, dan spreek ik automatisch over de belangen van de regio. Daar zit geen tegenstelling in. Een bloeiende stad Amsterdam is integraal onderdeel van de regio. Wat goed is voor de stad Amsterdam, is goed voor de regio. En vice versa.

En wat goed is voor de regio, is een stad die snel, soepel en simpel bereikbaar is. Ga maar na: in de binnensteden bruist het. Daar brandt het economische vuur het hardst. Hoe kunnen we ervoor zorgen dat zoveel mogelijk mensen zich kunnen warmen aan dat vuur? Door het aanleggen van verbindingen. Verbindingen die mensen snel van A naar B brengen. Van noord naar zuid. En van oost naar west.

Ik ben blij dat volgende maand eindelijk de Noord/Zuidlijn opengaat. Maar na de champagne en de schouderklopjes moeten de shovels en graafmachines eigenlijk meteen weer aan de gang. Die Noord/Zuidlijn moet gewoon worden doorgetrokken van Zaanstad tot aan Schiphol. Zodat nóg meer mensen van binnen en buiten de regio kunnen meeprofiteren van de economische vuurtjes. En zodat we de stroom toeristen nog beter en sneller kunnen spreiden over de regio.

En als we dan toch bezig zijn: waarom zorgen we er niet voor dat je in maximaal 70 minuten van Groningen naar Amsterdam kunt reizen? En van Heerlen naar Haarlem? De voordelen van dergelijke verbindingen voor de regio en Nederland zijn aanzienlijk.

Méér mensen méér kansen bieden: dat is wat infrastructuur doet. Infrastructuur heeft boven alles een sociale functie. Het asfalt en de rails zijn slechts een middel. Het doel van infrastructuur is mensen verbinden en hen kansen bieden.

Dames en heren,

Ik begrijp ook wel dat er nog heel wat water door het Noordzeekanaal moet stromen voordat dit allemaal zover is. Maar dit is toch de regio met de grenzeloze ambitie? De branie en het innovatievermogen om alle voorliggende uitdagingen het hoofd te bieden zijn er. De kritische succesfactor is denk ik de mate waarin het lukt om coalities te smeden met alle denkbare stakeholders – binnen én buiten de regio.
De mate waarin het lukt om over je eigen schaduw heen te springen en grenzen te doorbreken.
De mate waarin je je weet te verlossen van knellende kaders en ingesleten patronen.

Mijn waarneming is dat er in de Metropoolregio Amsterdam al veel wordt samengewerkt. Maar er wordt nog meer gepraat over samenwerken. En ik zei het al: samenwerken is niet een state of mind, maar een state of action.

Ik wil u daarom tot slot een advies meegeven die in mijn ogen de samenwerking in en met de regio kan versoepelen en verbeteren. Kijk eens goed naar de bestuurlijke structuur.

U bent ver gekomen door het gesprek te organiseren tussen regionale overheden, kennisinstellingen en bedrijven en door niet te kiezen voor een zwaar bureaucratisch model. Maar is de vrijblijvendheid nu niet te groot? Is niet meer nodig dan een informeel gesprek?

Bovendien: is de huidige schaal wel optimaal? De vervoersregio heeft bijvoorbeeld weer een andere schaal. Belemmert dat niet een soepele state of action?

Natuurlijk zijn dit event en het innovatiefestival WeMakeThe.City de komende dagen heel nuttig voor het leggen van nieuwe contacten voor nieuwe samenwerkingsverbanden. Maar ik denk dat we ook andere middelen, methoden en manieren moeten kijken om het samenwerken in de regio te versoepelen. Zodat er meer rendement gehaald kan worden uit uw branie en innovatievermogen. Zodat er eerder overgegaan kan worden tot een state of action. En zodat er sneller resultaten geboekt kunnen worden. Dat wens ik u allen persoonlijk én deze regio van harte toe.

En wat de toekomst betreft: wees ervan verzekerd dat ik uw concrete acties en vorderingen met interesse zal blijven waarnemen.

Want de afgelopen 198 dagen heeft de Metropoolregio Amsterdam deze Hagenaar weten te pakken!