De markt organiseert zich niet naar jou

Leren tassen van mango’s, duurzame verf van vlas, inkt van koffieprut en composteerbare verpakkingen van bierafval. Allemaal ambitieuze ideeën van circulaire startups die het verschil willen maken. Maar om écht stappen te zetten richting een afvalvrije wereld, heb je meer nodig dan een goede uitvinding, stelt oud-minister en hoogleraar sustainable innovation Jacqueline Cramer. Pas als een grote groep bedrijven hun producten en productieprocessen aanpassen en op een nieuwe manier gaan samenwerken, kan de economie circulair worden. Met de Amsterdam Economic Board laat Cramer zien hoe zo’n systeeminnovatie eruit zou kunnen zien.

Een kind draagt gemiddeld zo’n 3 jaar lang 4,5 luier per dag. Alleen al in Amsterdam en omstreken zijn dat omgerekend 142 miljoen babyluiers per jaar. Jaarlijks wordt in de Metropoolregio Amsterdam 57,1 miljoen kilo luier- en incontinentiemateriaal weggegooid. Slecht 1% daarvan wordt gescheiden ingezameld en gecomposteerd. Zonde, want dat materiaal is goed te hergebruiken.
Zo kun je kunststoffen uit de luiers terugwinnen om ze te gebruiken in de productie van flessendoppen voor bijvoorbeeld schoonmaakmiddelen. En het vochtabsorberende materiaal kan hergebruikt worden in nieuwe luiers.

Reden voor Jacqueline Cramer om voor het grondstoffentransitieprogramma van de Amsterdam Economic Board (kortweg: de Board) uit te zoeken hoe luiers op grotere schaal gerecycled kunnen worden. ‘Ik wil de luierrecycling zó ver krijgen dat je alle onderdelen van de luier als een soort maagdelijk materiaal terugkrijgt.’

De markt organiseert zich niet naar jou

Cramer kwam erachter dat ze daarvoor niet bij de gevestigde bedrijven hoefde aan te kloppen. ‘Qua duurzaamheid bleef het daar al gauw steken bij oplossingen als “energiezuiniger verbranden” of “wat plastic hergebruiken”. Van gevestigde bedrijven krijg je meestal niet de beste innovatieve recyclingopties. Want gevestigd word je door je processen te optimaliseren, en niet door ze radicaal te vernieuwen.’

Ook startups konden op zichzelf weinig betekenen in de transformatie van de luierrecyclingmarkt die Cramer voor ogen had. ‘We denken vaak dat we het van startups moeten hebben. Maar de meeste innovators, groot of klein, lopen tegen hetzelfde probleem aan: de markt organiseert zich niet naar jou.’

Barrières wegnemen

Wil je echt iets bereiken en barrières wegnemen, dan moet je het systeem veranderen, concludeerden Cramer en de Board. Er waren bijvoorbeeld best wel bedrijven die luiers wilden én konden recyclen, maar het moest wel rendabel voor ze zijn. En dat betekende dat er genoeg volume moest zijn, zodat de machines niet voor niets draaiden. Dus legden Cramer en haar collega bij de Amsterdam Economic Board contacten met grote gemeenten binnen de Metropoolregio Amsterdam, werkten ze samen met kinderdagverblijven en werden in Amsterdam-Oost containers neergezet waarin ouders hun luiers apart konden wegbrengen. Zo garandeerden ze voor de recyclingbedrijven een voortdurende stroom materialen.

Vervolgens moest uitgezocht worden wat de kwaliteitsnormen waren voor het hergebruik van luiermaterialen. En er moest een afzetmarkt gevonden worden voor het recyclaat. Je wilt immers niet bergen luiers recyclen tot bergen schoonmaakmiddeldopjes en daar vervolgens mee blijven zitten. ‘Je moet zorgen dat het hele systeem meebeweegt’, legt Cramer uit. ‘Dat is veel werk. Als een bedrijf dat allemaal alleen moet doen, stoppen ze vaak al voordat ze begonnen zijn.’

Het bouwwerk moet staan

Het bewegen van het systeem is dan ook niet alleen aan bedrijven, vindt ze. Het is ook aan de overheid. ‘Het bouwwerk van samenwerkende partijen moet staan voordat je van start kunt met het circulaire initiatief. Dat vraagt iets nieuws van de overheid: het voorbereiden van een systeeminnovatie. In het geval van de luierrecycling betekende dat een gegarandeerd volume, gemeenten en kinderdagverblijven die meedoen en een gegarandeerde afzetmarkt. We hebben vanuit de Amsterdam Economic Board daarom heel goed afgestemd met gemeenten, provincie en het bedrijf dat in luierrecylcing wil investeren: wat doen jullie en wat doen wij. Zo brengen we met elkaar die systeemverandering tot stand.’

Een fundamentele verschuiving

Systeeminnovaties voorbereiden – dat is geen natuurlijke rol voor de overheid, weet Cramer. ‘De overheid geeft wel innovatiesubsidies of -leningen, maar die hebben pas nut op het moment dat je het systeem hebt georganiseerd. Een circulaire economie komt pas echt van de grond wanneer de vraag naar circulair ontworpen en geproduceerde producten toeneemt. Dat is niet met een druk op de knop gepiept. Die transitie vereist een fundamentele verschuiving in ons economisch systeem. De overheid moet haar aanbestedingen daarop aanpassen en circulair gaan inkopen. Dat is risicovol, want ook daarbij moet je de zekerheid hebben dat er voldoende aanbod is.’

Een treetje hoger

Daar komt nog bij dat niet elke vorm van circulariteit even duurzaam is. Het kost immers minder grondstoffen om materialen niét te gebruiken, dan om ze te gebruiken en vervolgens te recyclen. Al in haar tijd als minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer betoogde Cramer daarom dat er meer aandacht moest zijn voor de hogere treden op de circulariteitsladder. In die tijd werd vooral vastgehouden aan de Ladder van Lansink, een afvalhiërarchie en standaard op het gebied van afvalbeheer, met als ‘treden’ Storten, Verbranden, Sorteren en recyclen, Hergebruik, en Preventie. Maar beleid bleef vlaak op het niveau van recycling steken. Cramer bedacht daarom de 10R-ladder, waar recyclen al op de tweede tree staat. Met daarboven acht nóg duurzamere opties.

De 10R-ladder van Jacqueline Cramer

©Jacqueline Cramer

 

Het is dan ook geen wonder dat in het geval van de Amsterdamse luiers, recyclen slechts één van de maatregelen was. Een belangrijk onderdeel van het project was ook om het gebruik van wasbare luiers te stimuleren. Ouders kregen gratis de kans om kosteloos wasbare luiers uit te proberen om zo de luierafvalstroom en de ecologische voetafdruk van wegwerpluiers te reduceren.

In Amsterdam staat het bouwwerk inmiddels, vertelt Cramer: ‘Er worden nu voorbereidingen getroffen om een luierrecyclingfabriek te bouwen. Eerst moeten nog enige financiële hobbels worden geslecht. Maar dan is de weg vrij om de productie te starten.’

#slimgroengezond

Wil je voortaan ons laatste nieuws en de aankomende (online) events ontvangen? Volg ons op Twitter en LinkedIn en schrijf je in voor onze maandelijkse Board Update.