Data is het nieuwe goud

Het manifest ‘Tada – Duidelijk over data’ biedt alle stakeholders in steden en regio’s handvatten om op een verantwoorde manier om te gaan met digitalisering. In een serie interviews gaat de Board vanuit verschillende invalshoeken in op het belang hiervan. Deze keer: digital connector Frits Bussemaker.

Voor Frits Bussemaker is het duidelijk: data is het nieuwe goud. Hoe je daar als bedrijf en overheid slim en verantwoord mee omgaat, houdt hem al jaren bezig. Sinds de jaren tachtig werkt Bussemaker in de ICT en tien jaar geleden richtte hij in het Haagse perscentrum Nieuwspoort iPoort op, een community die ICT hoger op de politieke agenda wil hebben. Ook was ‘digital connector’ Bussemaker tot voor kort betrokken bij CIONET, een netwerk van CIO’s en IT-leiders. Sinds september is hij voorzitter van het onlangs opgerichte Institute for Accountability and Internet Democracy (AID Institute) in Den Haag.

Welke waarde uit het manifest spreekt je het meeste aan?

“De waarde van de menselijke maat is de belangrijkste. Ik hoop dat mensen zich door het manifest gaan realiseren wat de waarde is van de informatie die ze nu gratis en vaak ondoordacht met elkaar en met bedrijven delen.”

In hoeverre leeft het thema verantwoord omgaan met data bij de IT Executives die je tot voor kort vertegenwoordigde bij CIONET?

“Dat thema leeft wel, helemaal nu de AVG of GDPR binnenkort in werking treedt. IT Executives zien in dat ze hun data moeten beschermen omdat ze zich steeds beter realiseren dat ze niet zonder kunnen. Er is ook een Europese fintech-regeling die bedacht is om het Europese betalingsverkeer te verbeteren, financiële instellingen worden verplicht om hun data te delen als hun klanten hen daarvoor toestemming geven. Hiermee wordt ruimte geboden aan innovatieve bedrijven. De Europese overheid zegt met zo’n regeling eigenlijk dat die persoonlijke data niet van het bedrijf alleen is, de burger komt zo meer in control.”

Data van iedereen – voor iedereen, de zesde waarde in het manifest.

“Dat vind ik wel een lastige hoor, informatie is van iedereen. Als commerciële bedrijven informatie verzamelen, dan is hun insteek niet om die informatie met iedereen te delen. Ik vind ook niet dat dat hoeft geloof ik. Een CIO investeert niet voor niets in die data, die wil daar zelf iets mee doen.”

Sinds september ben je voorzitter van het Institute for Accountability and Internet Democracy (AID Institute) in Den Haag. Wat gaan jullie doen?

“Dit instituut vormt de organisatie achter de The Hague Summit for an Accountable & Democratic Internet op 31 mei in Den Haag. Tijdens die top over vrede en recht in het cyberdomein zullen de private en publieke sector onder meer gaan bespreken of er misschien een internationale internetombudsman moet komen. Zo’n instituut kan individuen en minderheidsgroepen formeel beschermen, mensen die bijvoorbeeld in de problemen komen omdat er op internet valse informatie over hen rondzwerft. We gaan ook onderzoeken of er misschien een internationaal gerechtshof gericht op het cyberdomein moet komen. Dit is net als jullie manifest een onderdeel van de bredere discussie over the internet of values. Accountability is een van de instrumenten die nodig is om transparantie en uiteindelijk vertrouwen te realiseren. Niet alleen over data moet rekenschap worden afgelegd, maar ook over de gebruikte algoritmen, dat had wat mij betreft nog wel wat meer benadrukt kunnen worden in het manifest.”

Tijdens de gesprekken ter voorbereiding van het manifest werd onder meer gesuggereerd dat bedrijven een paragraaf in hun jaarverslag opnemen, waarin ze vertellen wat ze op het gebied van data hebben gedaan en zo dus accountable zijn. Is dat een vorm die je ziet zitten?

“Als concept klinkt het wel goed, al heb ik onvoldoende zicht op wat je precies in zo’n paragraaf zou moeten opschrijven. Maar het brengt me wel op een andere gedachte. Mensen hebben nu overal data weggeven: aan de bank, aan de belastingdienst, aan KPN. Misschien is het gevolg van het manifest wel dat er een fundamenteel andere architectuur gaat ontstaan voor het opslaan van data. Dat mensen al die data zelf, via een portal en algoritmes, in beheer krijgen. Daar ben ik ook voorstander van.”

In 2012 verweet je in een column de politiek dat deze ICT te weinig serieus neemt. Is dit inmiddels veranderd?

“Ik ben voorzichtig optimistisch. Toen ik tien jaar geleden iPoort oprichtte vroegen mensen zich af wat ICT in vredesnaam met politiek te maken had. Dat is inmiddels wel anders, maar als het onderwerp op de agenda komt is dat nog vooral door incidenten gedreven. We moeten ons realiseren dat IT ook onze economische modellen fundamenteel gaat veranderen. De Nederlandse overheid heeft inmiddels wel een CIO, maar ik denk dat er ook behoefte is aan een CDO, een Chief Digital Officer. Die twee moeten een visie neerzetten op wat IT kan betekenen voor ons land. De opdracht voor de IT-industrie is om dat wat ze kunnen niet alleen vanuit de techniek te benaderen, maar dat ook in een politieke omgeving kunnen overbrengen. Ik hoop dat het manifest ook bijdraagt aan het overbruggen van deze kloof.”

Meer informatie over het manifest vind je hier.

Tekst: Mirjam Streefkerk

#slimgroengezond

Het manifest draagt bij aan gezamenlijke waarden voor privacy rondom internetgebruik en het realiseren van digitale burgerrechten.