Basis gelegd voor uniforme gezondheidsdata infrastructuur

Lead Gezondheid Jeroen Maas neemt afscheid van de Board

Lead Gezondheid Jeroen Maas verlaat na zeven jaar Amsterdam Economic Board. Een deel van zijn nalatenschap is een binnenkort te verschijnen rapport dat een duidelijke routekaart biedt voor het opzetten van een gezondheidsdata infrastructuur. Het plan is gericht op het bouwen van een gezondere toekomst voor de inwoners van de regio. Een divers consortium ondersteunt het plan . “Hier kan de Board echt een grote rol blijven spelen: al deze zeer verschillende partijen bij elkaar brengen, hen de waarde van samenwerking laten zien en hen coachen in hoe ze het best kunnen samenwerken”, zegt Maas.

“Toen ik in 2014 begon, waren we nog volop in sectoren aan het werk. Het heeft even geduurd voordat dit idee van één gezondheidsdata-infrastructuur echt een missie werd”, zegt Lead Gezondheid Jeroen Maas, die per juli 2021 Amsterdam Economic Board met ‘gemengde gevoelens’ verlaat.

“Het is een goede tijd voor iets nieuws. Maar noem het alsjeblieft niet de seven year itch”, grapt de altijd aimabele Maas. Na jaren als intermediair voor de academische wereld, beleidsmakers en bedrijven, kiest hij voor de commerciële wereld als Philips’ nieuwe Director Access to Care Technology and Partnerships.

Consortium van creativiteit

De timing is onberispelijk: hij heeft net een plan en roadmap afgerond waarbij Amsterdam Economic Board, Amsterdam UMC, gemeente Amsterdam, het Nederlands Kanker Instituut (NKI/AvL), het OLVG ziekenhuis, de Universiteit van Amsterdam, de Vrije Universiteit en zijn toekomstige werkgever Philips samenwerken aan een Gezondheidsdata Infractuur (GDI).

“Deze ongelooflijk diverse groep met zoveel verschillende achtergronden zien allemaal de waarde”, zegt Maas. “Iedereen heeft een enorme passie en toewijding – ondersteund door een gezonde realiteitszin – voor het werken aan het verbeteren van gezondheid en zorg. Dit gezamenlijke belang heeft enorm veel creativiteit losgemaakt.”

Maar ja, het was een lange weg. Hoewel datawetenschap en AI momenteel in de meeste sectoren worden toegepast, brengt het gebruik ervan in de gezondheidssector een unieke reeks uitdagingen met zich mee, van ethisch tot technisch.

Gezondheidszorg en datawetenschap: goede combi?

Al vroeg tijdens zijn aanstelling bij de Board legden Maas en enkele medewerkers een verband tussen twee verschillende rapporten. Eén waarin de regio Amsterdam werd geprezen als wereldleider op het gebied van datawetenschap. Het andere zette de stad neer als een innovator in de gezondheidszorg – vooral waar het gaat om oncologie en neurologie.

“Rond dezelfde tijd werkte Google aan slimme contactlenzen die insuline konden meten. Ik vond dat idee best eng: een enorm bedrijf als Google zou de agenda kunnen bepalen in zo’n belangrijke sector als de gezondheidszorg”, herinnert Maas zich. “Dus schreven we een strategie om van Amsterdam een ​​hub te maken voor het combineren van datawetenschap en gezondheidszorg – een waar preventie het doel is, en patiënten op de eerste plaats komen en de controle over hun data behouden. Nadat we het hadden opgeschreven: veel instemming – en stilte…”

Golvend effect

Langzaamaan begon het te gebeuren.  Amsterdam Economic Board speelde vaak een cupido-rol bij het samenbrengen van partijen en het aansturen van projecten en programma’s. Zo hebben we met negen Nederlandse en Europese partners een Europese incubator in e-health opgezet: FICHe. Van de 20 finalisten hebben er 19 nieuwe producten op de markt gebracht of overgenomen. Een van die laatste, de AI-startup – en spin-off van de Universiteit van Amsterdam – Scyfer werd in 2017 voor een fors bedrag overgenomen door Qualcomm. Winclove Probiotics, met zijn miljoenen datapunten in darmmicroben, werkte samen met het nationale onderzoeksinstituut voor wiskunde en informatica (CWI) om projecten te ontwikkelen. Het nu alomtegenwoordige Pacmed werkte samen met Paul Elbers van het Amsterdam UMC om te experimenteren met het brengen van AI naar de IC.

“Tot 2018 of zo ging het vooral om het zeer handmatige werk om iedereen bij elkaar te brengen. Per geval hielpen we veelbelovende digitale innovators hordes te nemen bij het opschalen van hun oplossingen, bijvoorbeeld in het project ‘versnellingsmakelaar‘. Het kwam in een stroomversnelling toen we meer evenementen begonnen te organiseren, zoals het Life Sciences Café of de Medical Data Plus Pizza-bijeenkomsten die de artsen actief in contact brachten met de AI-mensen. We versnelden toen de gemeente Amsterdam meedeed en geld en tijd begon te investeren om het AI-Health ecosysteem te helpen ontwikkelen. We maakten ook heel wat Europese vrienden”, zegt Maas.

Inmiddels heeft de verbindende netwerk-website Smart Health Amsterdam inmiddels meer dan 1000 leden en dat aantal stijgt. “Kortom, we hebben veel gezaaid en mensen bij elkaar gebracht, en nu kwam het eindelijk tot bloei.”

Coaching voor innovatie

Naast het uitstippelen van een strategie en het vervolgens proberen iedereen te overtuigen, was het voor de Board ook van belang als tussenpersoon op te treden tussen verschillende werelden – om een ​​soort coach te zijn.

“Ik herinner me dat toen het CWI contact legde met Winclove, het CWI zei: je kunt een aantal promovendi voor vier jaar sponsoren en we zullen je de resultaten geven. Maar als een bedrijf dat kortere tijdlijnen nastreeft, stelde Winclove voor om te beginnen met een samenwerking van zes weken en het vanaf daar over te nemen”, grinnikt Jeroen. “Beide opvattingen zijn geldig – maar ook heel verschillend.”

“Het is vergelijkbaar met ziekenhuizen: ze hebben veel overtuigingskracht nodig. Ze zijn vaak erg risicomijdend. En dat is een geweldige eigenschap als het je taak is om mensen te genezen. Als ik een operatie moet ondergaan, wil ik dat ze extreem risicomijdend zijn!”

“Alle partijen moeten de waarde gaan inzien die de anderen inbrengen. Aangezien dit alles betrekking heeft op de openbare ruimte, is het bijzonder complex. Dus het duurt natuurlijk even voordat iedereen op één lijn zit.”

“Hierin kan de Board een belangrijke rol spelen. We werken voor de regio, dus we zijn er niet op uit om jouw ideeën of marktaandeel te stelen. We kunnen je zelfs helpen bij het vinden van het geld om deze samenwerkingen te laten werken. Zo kunnen we allemaal een stap vooruit zetten.”

Einddoel: preventie

Maas is ervan overtuigd dat we de terugverdientijd naderen. Partnerschappen voeren real-world projecten uit die niet alleen ten goede komen aan patiënten, maar ook winstgevend genoeg zijn om duurzaam te zijn. “Het gaat nu allemaal heel snel. Ik stel me voor dat de infrastructuur er in de komende drie of vier jaar zal zijn. En kort daarna zullen we algoritmen in realtime laten draaien die de besluitvorming, diagnose en het voorspellen van resultaten ondersteunen”, zegt Maas.

“En als je me een beetje laat dromen, kan ik me voorstellen dat ik over zeven jaar algoritmen heb die actief kunnen helpen bij het voorkomen van bepaalde ziekten. Ik denk dat dit haalbaar is als we op deze snelheid blijven werken. En als we blijven samenwerken.”

“Natuurlijk blijven er uitdagingen aan de technische en juridische kant. Laten we kijken hoe we ze kunnen omzetten in kansen”, lacht Maas.

Meer informatie

Wil je meer achtergrondinformatie over hoe de regio Amsterdam voorop loopt als het gaat om zorg en data science? Lees ‘‘The power of a unified data infrastructure: Covid-19 and beyond’ ’ en ‘Amsterdamse regio koploper op het gebied van AI en gezondheidszorg’.

#slimgroengezond

Wil je ons laatste nieuws en de aankomende (online) evenementen ontvangen? Volg ons op Twitter en LinkedIn en meld je aan voor onze maandelijkse Board Update.